DE BLAUWE MARLIJN

 

 

De blauwe marlijn, Makaira nigricans, is de snelste en sterkste vis in de oceaan en bepaald geen poesje om zonder handschoenen aan te pakken. Ze kunnen snelheden behalen van 90 km. per uur. Door hun krachtige lichaam en omdat ze een keihard gevecht leveren als ze aangelijnd zijn is het vangen van een blauwe marlijn voor een sportvisser hetzelfde als de jackpot winnen.

 

Naast zijn ongelofelijke snelheid is dit ook nog een massieve vis om te zien en kan hij een onvoorstelbare lengte bereiken van maar liefst 4,3 meter met een gewicht van ruim 800 kilo! De marlijn is een bekende rivaal van de makreelhaai en is ettelijke malen al verantwoordelijk geweest van een fiks strijdtoneel met deze haaiensoort. Er zijn intussen heel wat makreelhaaien gevangen waarvan de littekens van deze gevechten nog zichtbaar aanwezig waren.

 

 

Bouw

De blauwe marlijn is een zeer flexibele bewegende vis, en dat moet ook wel want hij moet zich snel kunnen wenden, draaien en vooruit kunnen bewegen om te jagen. Gezegend met niet minder dan 24 ruggenwervels, de blauwe marlijn is gebouwd voor snelheid en precisie. Hij is werkelijk een parel om te zien met zijn prachtige kleuren en mooie vinnen. Het bovenlichaam van de vis heeft een blauw metallieke kleur en de onderbuik is wit of crèmekleurig, uitstekende camouflage voor een vis die zijn leven doorbrengt in de diepe zee.

 

Het lichaam van de blauwe marlijn is bedekt met schubben en heeft 10-20 kobaltblauwe strepen langs het lichaam die van kleur kunnen veranderen naar gelang hun humeur. Tijdens de jacht is dit zeer duidelijk omdat de strepen dan een lichtblauwe kleur krijgen. De rugvin is groot en lang en loopt parallel aan de borstvinnen en heeft 39-43 stekels, terwijl de tweede rugvin er 6-7 heeft en de aarsvin er 19-22 heeft.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

© Matt Kieffer Dit is geen echte blauwe Marlijn, maar het is wel heel mooi.

 

Dit zijn weliswaar koudbloedige dieren, maar de natuur heeft hen wel een heel bijzondere gave gegeven. Ze hebben een adersysteem dat ervoor zorgt dat hun hersenen en ogen warm blijven. Hierdoor kunnen ze heel snel denken en zeer scherp zien wat ze een behoorlijke voordeel oplevert tijdens de jacht.

 

Hieronder lees je een gedeelte uit het boek 'The Old Man and the Sea' van Ernest Hemingway waarin hij het gevecht beschrijft tussen de oude visserman Santiago en een blauw marlijn. De marlijn zou uiteindelijk door een makreelhaai worden opgegeten.

 

 

´He remembered the time he had hooked one of a pair of marlin. The male fish always let the female fish feed first and the hooked fish, the female, made a wild, panic-stricken, despairing fight that soon exhausted her, and all the time the male had stayed with her, crossing the line and circling with her on the surface. He had stayed so close that the old man was afraid he would cut the line with his tail which was sharp as a scythe and almost of that size and shape. When the old man had gaffed her and clubbed her, holding the rapier bill with its sandpaper edge and clubbing her across the top of her head until her colour turned to a colour almost like the backing of mirrors, and then, with the boy’s aid, hoisted her aboard, the male fish had stayed by the side of the boat. Then, while the old man was clearing the lines and preparing the harpoon, the male fish jumped high into the air beside the boat to see where the female was and then went down deep, his lavender wings, that were his pectoral fins, spread wide and all his wide lavender stripes showing. He was beautiful, the old man remembered, and he had stayed.´

 

 

Vrije vertaling:

´Hij herinnerde zich de keer toen hij een van een tweetal marlijnen aan de haak had geslagen. De mannelijke vis liet zijn vrouwtje altijd eerst eten en deze gehaakte vis, het vrouwtje dus, maakte een wilde, door paniek bevangen worsteling die haar gauw vermoeide, en ondertussen bleef het mannetje bij haar, over de lijn heen zwemmend en rondjes draaiend aan de oppervlakte. Hij was zo dichtbij gebleven dat de oude man bang was dat hij het touwtje met zijn staart, dat zo scherp als een zeis was en bijna net zo groot in omvang en scherpte, doormidden zou zagen. Toen de oude man een haak door haar dreef en haar sloeg met een stok, haar als schuurpapier aanvoelend scherpe speer vasthoudend met zijn hand terwijl hij haar bleef slaan op haar hoofd totdat haar kleur veranderde in een kleur dat veel weg had van de achterkant van een spiegel, en dan, met behulp van de jongen, haar in de boot hees, was de mannelijke vis al die tijd aan de kant van de boot gebleven. Toen, terwijl de oude man de lijnen aan het schoonmaken was en de harpoen in gereedheid bracht, de mannelijke vis sprong naast de boot hoog in de lucht om te kunnen zien waar zijn vrouwtje was gebleven en verdween toen in het diepe, zijn lavendelkleurige vleugels, dat waren zijn buikvinnen, wijd gespreid en al zijn lavendelkleurig strepen zichtbaar. Hij was wonderschoon, wist de oude man nog, en hij was gebleven.´

 

Verder heeft de blauwe marlijn 2 borstvinnen die beiden een lengte van 20 cm. hebben.  Alle vinnen kunnen plat langs het lichaam worden gevouwen om zodoende meer snelheid te creëren. Een lange ronde en zeer gevaarlijke speer zit aan het verlengde van hun bovenkaak vast. Deze speer onderscheidt hen van de zwaardvis waarvan het zwaard lang en plat is.

Vrouwtjes marlijnen kunnen vier keer zo groot worden als de mannetjes en een lengte bereiken van 5 meter. Hun speer is net zo indrukwekkend als hun proporties en beslaat maar liefst 20% van hun eigen lichaamslengte. De lange speer wordt naast het jagen ook gebruikt ter zelfverdediging.

 

 

Leefgebied

De blauwe marlijn heet in het Engels the Atlantic Blue Marlin en dit is niet voor niets. Zoals je kunt zien aan de illustratie hieronder beslaat hun leefgebied voornamelijk de Atlantische oceaan. Die leefgebied grenst tevens aan de Indische- en Grote oceanen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

© Matt Rigney

 

Ook al leven ze in de Atlantische oceaan, ze slijten hun dagen liever aan de oppervlakte van het water waar hun prooi ook te vinden is. Dit zijn geen gezelschap vissen, ze leven voornamelijk op zich zelf en komen alleen bij elkaar tijdens het kuitschieten. Ze houden niet van koud water en reizen honderden tot duizenden kilometers mee met de warme stroming op zoek naar warmer water tijdens de wintermaanden. Geprefereerde watertemperaturen variëren tussen 20-30 graden.

 

 

Voedsel

Bij het zoeken naar voedsel komt de lange speer van de blauwe marlijn pas goed tot zijn recht. De vis zwemt voornamelijk aan de oppervlakte van het water omdat daar vaak grote scholen met vissen te vinden zijn. Hun lievelingsmaaltijd bestaat uit tonijn, sardines, makreel, ansjovis, schaaldieren, pijlinktvis en octopus.

 

De blauwe marlijn jaagt voornamelijk op grote scholen vissen. Hij zal ze allereerst belagen totdat ze een strakke ronde formatie vormen, een soort harde ronde bal, om zodoende het jagen te vergemakkelijken. Tijdens de jacht zal hij zijn kop heen en weer schudden, hiermee gebruikmakend van zijn speer, om de vissen te verdoven alvorens met topsnelheid door de massa heen te zwemmen en de zwakkere exemplaren te vangen.

 

Soms willen ze ook achter boten aanzwemmen omdat de beweging ervan een heleboel voedsel naar de oppervlakte trekt waardoor het jagen een stuk eenvoudiger is. Zoals al eerder is aangegeven, dit zijn geen diepzeevissen, maar af en toe zwemmen ze wel tot 100 meter de diepte in op zoek naar voedsel.

 

 

Voortplanting

De blauwe marlijn wordt op 3-4 jarige leeftijd seksueel actief. Tijdens het kuitschieten zoeken blauwe marlijnen elkaar op en worden er groepen gevormd. Voorplanting begint wanneer de vrouwtjesmarlijn miljoenen eieren tegelijkertijd in het water loslaat. De mannetjesmarlijn zal vervolgens de eieren bevruchten met zijn sperma.  Een grote hoeveelheid eieren zijn noodzakelijk om te kunnen garanderen dat er een aantal zullen worden bevrucht.

 

Bevruchting vindt plaats in de late zomer en vroege herfst. De eieren zijn minuscuul, maar 1 mm. in lengte. Na de bevruchting zweven ze onbeschermd door het water waardoor ze een makkelijke prooi zijn voor aaseters. Weinigen zullen daarom ook de volwassen leeftijd halen. Hun transformatie van minuscule baby-visjes tot enorme vissen is zeer indrukwekkend en hun eetpatroon is daar uiteraard ook op aangepast. Jonge blauwe marlijnen eten vooral in het begin alleen maar plankton en zullen grotere vissoorten gaan eten naarmate ze groter worden.

 

 

Relatie tot de mens

De blauwe marlijn is een zeer geliefde vissoort om op te jagen. Ze zijn enorm groot, snel en sterk en dat is wat een sportvisser graag wil. Ze vallen onder de noemer 'big game fishing' en het succesvol vangen van één zo'n vis is een droom voor menig hengelsporter. Ze zijn zelfs bereid om duizenden dollars te betalen om een blauwe marlijn te vangen die ze gelukkig meestal na de vangst weer vrijgelaten. Dit garandeert echter niet dat de blauwe marlijn de strijd zal overleven, want velen sterven alsnog aan de gevolgen ervan. Verder is de blauwe marlijn ook het slachtoffer van speervissers.

Verder is hun vlees zeer smakelijk en een delicatesse in Japan waar hun vlees rauw wordt geserveerd als sashimi.

 

 

Natuurlijke vijanden

De blauwe marlijn heeft geen echte vijanden, al kunnen ze flink ruzie maken met makreelhaaien.

 

 

IUCN